Dominee Duurzaam op de Hanze

Boudewijn 10 oktober, 2018

Philosopher, TEDx-speaker, social entrepreneur, impact investor, associate professor. Het staat allemaal op de eerste dia die Ruud Veltenaar laat zien op de Dag van de Duurzaamheid. En dat is nog niet alles, want Veltenaar (1958) is ook trendwatcher, bestuursadviseur, de man achter  bedrijven als Planet Internet, Parkmobile en Parkline, en hij is friskijker en inspirator, of zoals hij het ook wel noemt: bevliegeraar.
O ja, hij is ook nog een veelgevraagd spreker. Op die eerste dia staat achter zijn naam ook nog een uitroepteken en dat is niet voor niets. Ruud Veltenaar praat hartstochtelijk over dé grote uitdaging van deze tijd: voorkomen dat de wereld aan klimaatverandering ten onder gaat.

‘Nee, wakker zijn jullie al, dit is geen wake-up call, het is een call to action

En dat is een kwestie van nu of nooit, alle hens aan dek en zandzakken voor de deur. Daarvan is het publiek in het overvolle Atrium zich natuurlijk al bewust, want dat zijn vooral studenten en personeel die veel ophebben met duurzaamheid. Die hoeft Veltenaar niet wakker te schudden. Hoewel?
‘Nee, wakker zijn jullie al, dit is geen wake-up call, het is een call to action.’
Want we wéten wel dat er allerlei dingen zijn die we niet moeten doen (vliegen, autorijden, plastic gebruiken, vlees eten), maar we doen het wel. Heel raar, vindt Veltenaar, of nee: ‘het is waanzinnig!’
Nu al is er zo weinig poolijs meer dat er vijftig ijsberen per maand verdrinken tijdens een wanhopige zoektocht naar voedsel. In 2050 zal de temperatuur rond de evenaar (25 graden noorderbreedte tot 25 graden zuiderbreedte) stijgen tot vijftig graden Celsius, wat het gebied onleefbaar maakt.
‘Twee miljard klimaatvluchtelingen, twee miljard! Die breng je niet onder op Lampeduso.’
Als we er nu allemaal de schouders onder zetten, kan het onheil nog worden afgewend. En wie niets doet, ‘is niet verbonden met de zich aandienende toekomst’.

‘Unilever zegt zelf dat zestig procent van hun producten ongezond zijn, waar ben je dan mee bezig?’

Van het bedrijfsleven moeten we het niet hebben, in de top-tien van grote vervuilers in Nederland staan zeven energiebedrijven. Maar zelfs bedrijven die duurzaamheid hoog in het vaandel voeren, doen er veel te weinig aan. Unilever bijvoorbeeld, waarvan topman Paul Polman volgens Veltenaar zo’n beetje bekend staat als Koning Duurzaam. ‘Ik heb eens beweerd dat negentig procent van het voedsel dat Unilever op de markt brengt ongezond is. Vonden ze niet leuk. Nog diezelfde dag kreeg ik bericht van de afdeling marketing: het was geen negentig procent, maar slechts zestig procent. Zestig procent ongezonde troep, waar ben je dan mee bezig?’ Het is misschien goede business, maar absoluut géén ‘business for good’.
Ze zijn, hij zegt het er eerlijk bij, niet allemaal van hemzelf, maar Veltenaar schudt een hele reeks leuzen uit z’n mouw die moeten helpen om de benodigde verandering van ‘mind-set’ te bewerkstelligen.
‘We leven niet in een tijdperk van verandering, we zijn aanbeland in een verandering van tijdperk.’
‘We moeten van ik naar wij, van ego naar eco.’

‘Groei is goed! Die gedachte is een ziekte in ons hoofd’

‘Het is tijd om terug te keren naar de bron, stroomopwaarts, dat is de moeilijkste reis, een reis van hoofd naar hart.’
‘Als iedereen zo weinig energie zou gebruiken als de Rwandezen, zouden er makkelijk twintig miljard mensen op de aarde kunnen leven.’
‘Als ieder mens zo veel energie zou gebruiken als de Nederlander, zouden we vijf planeten nodig hebben.’
‘Er zijn maar weinig mensen die willen leven zoals de Rwandezen leven, zelfs de Rwandezen niet.’
‘Waarom moet de economie groeien? Omdat stilstand achteruitgang is? Groei is goed! Die gedachte is een ziekte in ons hoofd.’
‘Er is geen plan B, want er is geen planeet B.’
‘Het denken gaat op z’n kop wanneer ons doel niet meer doing well is, maar doing good.’
‘Het gaat om de missie, niet om het formuleren van die missie, maar om het op missie zijn.’
We’ve gotta walk the talk.
‘Men zegt: never waste a good crisis. Ik bid bijna letterlijk elke dag dat er een goede crisis komt.’