Voor de klas: Andrea Stultiens

Anne Floor Lanting 16 april, 2018

In de rubriek ‘Voor de klas’ vragen we docenten naar hun drijfveren, ervaringen en meningen over de Hanzehogeschool. Andrea Stultiens werkt sinds 2002 bij de Hanze, waar ze aan Academie Minerva verschillende keuzevakken geeft die betrekking hebben op fotografie en theorie. ‘Onderwijs zou voor het grootste deel gericht moeten zijn op het creëren van kritische burgers’.

Predinius-66 copy (600x400)

Wat vind je het leukst aan het vak van docent?
‘Het allerleukst zijn de momenten waarop je uitwisselingen kunt hebben met studenten waar iedereen van leert. Ik help mijn studenten graag om de juiste vragen te stellen. Daarnaast help ik studenten natuurlijk ook op weg in hoe ze die vragen vervolgens kunnen beantwoorden. Dat zijn enerzijds heel erg individuele trajecten, maar anderzijds vertonen ze veel dezelfde patronen.’

Het is fantastisch om te zien dat studenten leren van elkaar door hoe ik het proces organiseer. Daar krijg ik heel veel energie van

‘Het is dus wel degelijk zinnig om dit in groepen te bespreken zodat studenten ook van elkaars uitdagingen kunnen leren. Dat vind ik heel erg leuk, omdat ik in het meedenken met studenten ook altijd heel veel leer. Omdat ze van een andere generatie zijn en vaak ook uit een ander vakgebied komen, brengen studenten hele andere zaken ter tafel dan ik. Ik leer sowieso door hen heel veel andere vormgevers en kunstenaars kennen wiens werk ik nog niet kende. De interesses en perspectieven van anderen maken me vaak bewust van het feit dat je ook op een heel andere manier onderwerpen kunt benaderen en naar bepaalde dingen kunt kijken.’

 Wat zijn de mindere kanten van het docentschap?
‘Vooral het institutionele deel. Bijvoorbeeld de beoordelingsformulieren die vaak net niet van toepassing zijn op wat je studenten eigenlijk zou willen meegeven in de beoordeling. De administratieve rompslomp waarbij OSIRIS bijvoorbeeld net geüpdatet is, waardoor dingen weer niet duidelijk zijn. Dat is de zeer voorspelbare, maar lastige kant. Ik snap wel dat het moet voor kwaliteitszorg, maar ik steek zo veel liever die tijd echt in studenten. Juist als je parttime werkt,  blijft het administratieve werk soms te lang liggen omdat je al je uren al in de omgang met studenten hebt zitten.’ 

Predinius-70 copy

Wat kenmerkt je als docent?
‘Dat meedenken met studenten kenmerkt mij wel. Dat komt deels voort uit mijn eigen praktijk. Ik werk als fotograaf veel in het buitenland en als je in een andere cultuur werkt, kun je niet zomaar de dingen die je zelf denkt te weten op deze cultuur projecteren. Dan herhaal je wat je al weet en kom je niet tot nieuwe inzichten. De inzichten die uit mijn werk in het buitenland zijn voortgekomen, bijvoorbeeld over hoe je samen op zoek kunt, zet ik in bij mijn interacties met studenten. Ik probeer echt te luisteren naar waar hun interesses liggen en reik van daaruit mogelijkheden aan. Het is fantastisch om te zien dat studenten leren van elkaar door hoe ik het proces organiseer. Daar krijg ik heel veel energie van.’

Ik ben niet een docent die zegt: zo moet het, jongens, doe het zo. Dat hoort deels bij het kunstonderwijs en deels bij mijn manier van doen

‘Ik verwacht wel veel input van mijn studenten, dat is soms wel lastig voor ze. Ik ben niet een docent die zegt: zo moet het, jongens, doe het zo. Dat hoort deels bij het kunstonderwijs en deels bij mijn manier van doen.’ 

Wat is kenmerkend voor jouw manier van lesgeven?
‘Ik probeer vooral heel veel vragen te stellen en niet te vertellen hoe het allemaal moet. Als ik dat wel doe, dan probeer ik niet te veel te sturen. Als ik voorbeelden geef van het werk van andere kunstenaars, dan probeer ik er altijd op z’n minst twee te geven. Hiermee wil ik vermijden dat de indruk ontstaat dat het op een bepaalde manier moet. Het is belangrijk om je steeds af te vragen wat er nu aan de hand is in een kunstwerk. Dat is een basishouding die heel belangrijk is voor kunstenaars en vormgevers. Deze vraag is makkelijker als je gedwongen wordt om twee dingen met elkaar te vergelijken, dan als je maar één voorbeeld krijgt. De basisvraag is hoe een werk communiceert en niet of het goed of slecht is.’

Wat vind je van de Hanzehogeschool?
‘Ik heb de Hanze ervaren als een werkgever die best wel veel kansen creëert. Ondanks mijn kleine aanstelling heb ik er een master kunnen doen en ben ik nu bezig met mijn PhD, die deels door de hogeschool gefinancierd word. Het is heel fijn als dat soort ambities mede mogelijk worden gemaakt door werkgevers. Verder moet ik zeggen dat de Hanze als geheel best abstract is voor mij, de organisatie is wat te groot.’

Predinius-82 copy (600x415)

Wat zou beter kunnen?
‘We hebben op Minerva een fantastische fotografiewerkplaats, daarin kan echt heel veel en deze doet niet onder voor werkplaatsen op andere academies waar wel een fotografieopleiding is. Op het moment is er bij Minerva maar een beperkte docentencapaciteit die de interesse voor fotografie aanzwengelt en dus wordt er minder en misschien wel te weinig gebruikgemaakt van deze werkplaats. Dat is een beetje ambigu dus. Enerzijds vind ik het wel een gezonde situatie dat er hier geen fotografieopleiding is, maar anderzijds ben ik soms ook wel een beetje gefrustreerd dat die werkplaats niet meer en beter wordt gebruikt.’

Hoe ziet jouw ideale hogeschool eruit?
‘Onderwijs zou voor een aanzienlijk deel moeten bestaan uit het creëren van kritische burgers. Daar zou in het huidige onderwijs best wat meer ruimte voor mogen zijn. Het is belangrijk dat mensen de wereld op een gezonde manier kritisch leren benaderen en niet meteen tot een oordeel komen, bijvoorbeeld over of iets goed of slecht is. Het is van belang om eerst te kijken naar waarom dingen op een bepaalde manier worden gedaan, wat daar goed en minder goed aan functioneert en wat we daarvan kunnen leren en aan kunnen verbeteren.’

Door de stijging in het aantal buitenlandse studenten, zijn de lessen nu in het Engels. Dat is best een groot verschil en is ook niet voor iedereen even makkelijk

‘De behoefte van mensen om te horen en te weten hoe het moet is groter dan gezond is voor ons allemaal, denk ik. Juist op het gebied van kunst en vormgeving zou hier niet zo veel waarde aan gehecht moeten worden, want daar bestaan geen absolute normen en waarden. Iets wat goed werkt om te communiceren met een bepaalde doelgroep kan weer heel slecht werken bij een andere doelgroep. Het is dus relevant om je steeds af te vragen: waarom en hoe communiceert dit in deze context en hoe zou het anders of beter kunnen.’

Wat valt je op aan de huidige lichting studenten?
‘We hebben bij Minerva in de loop der jaren veel meer internationale studenten gekregen.  Door de stijging in het aantal buitenlandse studenten, zijn de lessen nu in het Engels. Dat is best een groot verschil en is ook niet voor iedereen even makkelijk. Voor bijna iedereen is Engels de tweede taal, slechts heel af en toe heb je een Britse of Amerikaanse student. Dat maakt dat we harder moeten werken om elkaar te verstaan en ook dat het soms niet zo goed lukt om elkaar te begrijpen.’

Stultiens initieerde de tentoonstelling ‘Unfixing Histories’ die verspreid over vijf verschillende locaties in Groningen te zien was. Een deel van de tentoonstelling is nog tot 27 mei te zien bij USVA en Noorderlicht House of Photography. De foto’s bij dit artikel zijn gemaakt op deze tentoonstelling. Fotograaf is Raqic Abasov.